Drylts

lyts mar krigel

IJlst heeft een rijke kerkelijke historie

en kent op kerkelijk gebied drie hoofdstromingen;  inwillekeurige volgorde

de Doopsgezinde,

de Gereformeerde

en de Hervormde kerk

Hervormde Kerk / Mauritiuskerk


De Hervormde kerk is niet de aller-oudste kerk van IJlst. Dat was de Rooms Katholieke kerk, die werd gebouwd dicht bij het ongeveer in 1387 gestichte St. Maria- Klooster, eigendom van de orde der Karmelieten. Deze kerk stond op het oude gedeelte van de huidige begraafplaats. Het was een driebeukige kerk met een zadeldaktoren en een traptorentje in de hoek van de noorderzijbeuk van het koor. Het nabij gelegen klooster wordt tijdens de 80-jarige oorlog op 5 juli 1572 door de Geuzen verwoest en in 1580 geheel vernield. Gedurende de 18de eeuw werd de kerk nog regelmatig hersteld, maar ondanks deze werkzaamheden, verkeert de kerk in de 19e eeuw in vervallen staat. Volgens aantekeningen zijn er in 1827 zelfs geen diensten meer geweest. Na raadpleging van de kerkelijke gemeente begon men de kerk geleidelijk te ontmantelen. Op de voormalige stadskoemarkt aan de Eegracht werd een nieuwe kerk met toren gebouwd door Simon Hendriks Broersma, meester-timmerman in IJlst, naar een ontwerp van ]. Ankringa uit Sneek. In 1830 wordt de kerk eigendom van de Hervormde gemeente en de toren van de gemeente IJlst, daarom ook wel "Stadstoren"genoemd in de volksmond. Het was een zogenaamde eenbeukige kerk, die in 1868 werd vergroot door er een dwarsbeuk aan de zuidzijde aan te bouwen. Dit vanwege de enorme toeloop door de predicaties van de toenmalige Réveildominee Philippus Samuel van Ronkel. Losse stoelen werden vervangen door banken. De realisatie van de aanbouw gebeurde onder kerkvoogdij van IJpke Jans Veldhuis, Jan Wallis Oppedijk en Jelle Jelles Croles. In het liturgisch centrum van de kerk vinden we een 17e eeuws doophek met kansel uit 1672 terug. Dit jaartal is bekend, omdat het aan de binnenzijde van de trap is aangebracht met eveneens de heraldische leeuw met het wapen van IJlst.
Naast de preekstoel zit een bord, waaraan 4 collectezakjes, met het opschrift "Gedenkt den armen 1647". Ook bevindt zich in de kerk een predikantenbord uit circa 1875. Hierop een opengeslagen Bijbel met het opschrift "Gedenk uwen voorgangeren die u het Woord Gods gesproken hebben. Hebr. 13 vs 7 a". Alle predikanten, die de Hervormde Gemeente van IJlst vanaf 1567 dienden, staan hierop vermeld. Inmiddels is de Hervormde kerk tijdens de samen-op-weg-periode de Mauritiuskerk genoemd en na het samen der Hervormde en Gereformeerde gemeente in de Protestantse Kerk Nederland wordt alleen de Mauritiuskerk nog voor de diensten gebruikt.

Gereformeerde Kerk / Stadslaankerk


De Nederduitsch Gereformeerde Kerk ontstaat in 1888 ten tijde van de Doleantie, als de Gereformeerde Gemeente voor het eerst samenkomt in het “lokaal voor het volk” Het eerste kerkgebouw op de hoek van de Galamagracht en de Popmawal wordt in 1889 in gebruik genomen. Ca. 20 jaar later besluit men tot de bouw van een nieuw kerkgebouw aan de Stadslaan. Dit kerkgebouw, in de stijl van de bekende Gereformeerde architect Tjeerd Kuipers, is ontworpen door architect Ane Nauta (1882-1946), die vooral naam heeft gemaakt als bouwmeester van Gereformeerde kerken in Friesland. Het gebouw is gefundeerd op 365 houten heipalen. Het gevelmetselwerk is uitgevoerd in kruisverband. Kenmerkend voor de bouwstijl van de Amsterdamse school zijn de speklagen in het metselwerk en de combinatie van rondbogen en spitsbogen.
De kerk, inclusief de kerkbanken en de preekstoel, wordt in 1909/1910 gebouwd door timmerman Johs. P. Spijksma uit IJlst, en wordt op 1 februari 1911 in gebruik genomen.

In 1923 schenkt Jarich Jans Nooitgedagt de kerk een luidklok, als dank voor het feit dat Nederland gespaard is gebleven voor de oorlog van 1914-1918. Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt deze klok gevorderd door de Duitsers en omgesmolten voor de Duitse oorlogsindustrie.

Jan A. Nooitgedagt schenkt in 1949 een nieuwe klok uit dankbaarheid dat alle IJlster militairen, waar onder zijn zoon, veilig terugkeerden uit toenmalig Nederlands-Indië. De klok wordt gemaakt door de firma gebr. Van Bergen te Midwolda en het uurwerk is van A.H. van Bergen te Heiligerlee.

Het Van Gruisen orgel van de kerk stamt uit 1836 en werd ingewijd in de kerk van Jutrijp. In 1910 wordt te Jutrijp een nieuwe kerk gebouwd, waarin een nieuw orgel wordt geplaatst. In 1911 wordt het Van Gruisen orgel overgenomen door de Gereformeerde Kerk te IJlst. Het originele front van het onderpositief is bij de overplaatsing naar IJlst vervangen door een gesloten wand met detailleringen.

Het doopvont is in 1884 gemaakt door mastmaker W.E. Andela. Het houtsnijwerk is zeer illustratief en vol symboliek.

Tijdens het Samen-Op-Weg-proces verkrijgt de Gereformeerde Kerk de naam Stadslaankerk. Na het samengaan van de Gereformeerde Kerk en de Nederlandse Hervormde Kerk in de PKN is de Stadslaankerk buiten gebruik gesteld. Het kerkgebouw, inclusief het Van Gruisen orgel, wordt nu beheerd door de eigenaar van het kerkgebouw, de Stichting Behoud Stadslaankerk.

Doopsgezinde kerk


IJlst kende al tijdens de Spaanse overheersing een doopsgezinde gemeenschap. De Doopsgezinden moesten in die tijd hun samenkomsten heimelijk houden, omdat alleen de Rooms Katholieke godsdienst was toegestaan. Niet-katholieken werden vanwege hun “verkeerde” geloof vervolgd en berecht. Zo ook de IJlst vrouw Rixt Heijne. Zij werd berecht, ter dood veroordeeld en ter dood gebracht. Naar deze martelares werd het inmiddels opgeheven vrouwenkoor van de Doopsgezinde gemeente genoemd.IJlst telde tot het begin van de negentiende eeuw twee Doopsgezinde gemeenten met elk een eigen kerkgebouw: de Oud-Vlaamsche, met een kerkgebouw aan de Galamagracht en de Waterlandsche met een eigen kerkgebouw op de plek van de huidige Doopsgezinde Kerk. Nadat beide stromingen samen waren gegaan, werd in 1857 een nieuw kerkgebouw gesticht. De eerste steen van het huidige kerkgebouw van de Doopsgezinde gemeente werd op 18 mei 1857 gelegd. De zogenaamde "Mennistetsjerke" heeft een prachtige klokgevel, met aan weerszijden de kosterswoning en de consistoriekamer. Ds. Busé, waarnaar een straat in IJlst genoemd is en die hier zijn standplaats had van 1890 tot 1917, heeft veel onderzoek verricht. Hieruit blijkt dat er drie mogelijkheden waren voor de Doopsgezinde gemeente in IJst: een kleine herstelling, een grote herstelling (waarschijnlijk in de vorm van verbouw) en de bouw van een kompleet nieuwe kerk, die dan in die tijd het gigantische bedrag van f 6.000,00 moest kosten. Met een krappe meerderheid van 2 stemmen wordt gekozen voor het eerste plan, dat f 250,00 moest kosten. Hierover is men het met elkaar niet eens en omdat een aantal mensen toch zijn bedenkingen heeft en bij nader inzien toch voor nieuwbouw kiest, worden de bouw van een nieuw kerkgebouw en verdere werkzaamheden voor f 6.897,00 gegund aan J. Keikes te IJlst. Het opzichterschap over de bouw krijgt de bouwmeester van Sneek. Op 13 mei 1857 wordt door de dochters van de boekhouder van de Doopsgezinde kerk, Aaltje en Sijbrigje Buitenhoff, de eerste steen gelegd. "De Formanje" (= Vermaning), zoals de Doopsgezinde kerk ook genoemd wordt, werd op 27 september 1857 door ds. J Kuiper ingewijd naar aanleiding van een leerrede. Op 4 oktober wordt er het eerste Avondmaal gevierd. Tot op heden maakt de Doopsgezinde gemeente nog gebruik van dit sierlijke pand.